Vanochtend, of nou ja vanmiddag, toen ik wakker werd begon ik met frisse moed aan mijn dag. Ik zit in de twaalf-tot-vier-wacht, en moest afgelopen nacht vroeg mijn bedje uit om het schip te bemannen. Ik heb dolfijntjes gespot en vallende sterren gezien, dus dat is mijn verprutste slaapritme dan maar waard, denk ik…! Nee hoor grapje, ik vind de wacht eigenlijk hartstikke leuk! Wachten zijn namelijk nooit saai. Zo moesten we vanmiddag opeens de mast in (!!!). Doodeng. Ik heb volgens mij wel tien keer gedacht: als ik nu ga, dan heeft mijn familie in ieder geval wel weer een spannend verhaaltje voor aan de kersttafel. Sta je daar, met drie man op een of ander wiebelig lijntje over een ra (de balken die horizontaal op de mast zitten) te hangen, uiteraard goed vastgemaakt met een veiligheidslijn. En dan moet je ook nog eens het zeil optillen en een paar andere lijntjes om dat zeil heen binden. Besef je even dat dat zeil aan de andere kant van de ra hangt en ook nog eens loodzwaar is. Maar goed. Ik heb het gelukkig overleefd. Ik vond het eigenlijk best wel vet als ik eraan terugdenk. Makkelijk praten hè, als je veilig op de grond staat.
Groetjes,
Laila

